Uitstraling artikel 10 - Studiekeuze

"Help, ik weet niet welke opleiding ik moet gaan doen!" 
"Mijn zoon is nu al met de 4e opleiding bezig en stopt er weer mee.” “Mijn dochter volgt een opleiding maar vindt er niets aan en gaat niet meer naar school."

In onze praktijk krijgen we in toenemende mate vragen van ouders of we hen kunnen helpen een juiste opleiding te vinden voor hun zoon/dochter. Voor sommige jongeren is het duidelijk; zij hebben een duidelijke interesse, zijn goed in bepaalde vakken en maken op basis daarvan een keuze. Er is echter ook een grote groep jongeren die aan het einde van de middelbare school niet weten welke opleiding te gaan volgen. Opvallend is dat MBO’ers minder moeite hebben met een keuze dan  HBO’ers. Voor jongeren met een VWO-opleiding is het soms moeilijk; zij zijn vaak breed geïnteresseerd.

Hoe worden keuzes gemaakt? Wanneer we vragen waarom jongeren een bepaalde opleiding hebben gekozen, krijgen we vaak als antwoord: “het leek me wel leuk”, “mijn ouders vonden het een goede opleiding”, “mijn oom heeft ook die opleiding gedaan en die is erg enthousiast en vindt het ook wel iets voor mij” of “daar kan ik later veel geld mee verdienen!” Het is natuurlijk een gegeven dat het aanbod groot is en dat door middel van ‘open dagen’ alles erg aantrekkelijk wordt gemaakt. Door websites wordt het voor jongeren makkelijk gemaakt om een beeld te vormen van de verschillende mogelijkheden. Toch zijn er nog veel jongeren die ondanks alles geen keuze kunnen maken.

Belangrijk is dat leerlingen gemotiveerd aan een studie beginnen en dat zij ook weten dat er bij bijna alle opleidingen vakken zijn die minder leuk, maar wel noodzakelijk zijn. Er wordt namelijk zo makkelijk afgehaakt. Een docent van de universiteit die al jaren doceert  zei laatst: “we hebben te maken met een ‘zapcultuur’; het boeit me even niet, dus dan maar iets anders.” Ook horen we opmerkingen als: “er is sprake van een uitstelgeneratie; even een jaartje backpacken in Australië voordat ik weer ga studeren!”

Voor ouders is het erg frustrerend om te zien dat zoon/dochter, die het zo goed deed op de middelbare school, na een paar maanden afhaakt en niet meer naar school/universiteit gaat. Ouders, maar vooral ook deze studenten, komen bij ons  met de hulpvraag “welke studierichting zou het beste zijn voor onze zoon/dochter?” Om deze vraag te beantwoorden is het belangrijk om allereerst te kijken naar de voorgeschiedenis; hoe is het schoolverloop tot nu toe geweest? Wat was de verwachting aan het einde van de basisschool? Waren er doublures op het voortgezet onderwijs? Wat waren zijn/haar sterke en zwakkere vakken?  Vervolgens komt hij/zij een dag om een capaciteitenonderzoek te doen. Hiermee krijgen we zicht op de verbale (talige) en de non-verbale intelligentie. Vervolgens wordt een persoonlijkheidstest gedaan. Deze persoonlijkheidstest is gebaseerd op belangrijke aspecten binnen de persoonlijkheid van  (jong)volwassenen, bijvoorbeeld: kan ik omgaan met tegenslag, frustratie en stress, ben ik graag in gezelschap van anderen of werk ik liever alleen, kan ik makkelijk de leiding nemen in groepen, sta ik met beide benen op de grond, is er sprake van bereidheid om anderen te helpen, ben ik doelgericht en ambitieus?

Daarna wordt er met behulp van een specifieke vragenlijst informatie verzameld over belangstellingen, meningen, eigenschappen en gedrag. Er wordt uitgegaan van 6 menstypen; het praktische, analytische, kunstzinnige, sociale, ondernemende en conventionele menstype. Ieder individu heeft natuurlijk zijn eigen persoonlijke mix van deze zes standaardtypen. Capaciteiten worden als een belangrijke factor gezien in de keuze van een opleiding, maar het succes wordt vooral bepaald door motivatie en deze wordt in belangrijke mate gestuurd door interesse. Om deze vast te stellen wordt gebruik gemaakt van een vragenlijstmethode welke is opgebouwd uit uitspraken van mensen over hun voorkeur voor of afkeer van een beroep, opleiding of de invulling van vrije tijd gerichte activiteiten.

Van al deze gegevens wordt een rapport gemaakt dat als uitgangspunt dient voor een gesprek met de scholier/student. Door ons wordt al aangegeven welke opleidingen er ons inziens bij hem/haar passen. Na dit gesprek krijgt hij/zij de opdracht alle aangegeven mogelijkheden te bekijken op websites en een keuze te maken. Wanneer wij er meerdere geven zal hij/zij aan moeten geven welke voor hem/haar op nummer 1 komt en waarom. Hij/zij zal met goede argumenten moeten komen om ons te overtuigen van zijn/haar keuze. Met deze aanpak is succes nog niet gegarandeerd, maar met een goede motivatie heeft hij/zij meer kans van slagen!